Art.1.Er mag enkel gevist worden met één werphengel, voorzien van een opwindsel(molen). Maximum hengellengte 3,00 meter. Langere hengels zullen worden geweigerd.
Art. 2.De reserve hengel mag gemonteerd worden met de draad door de ogen tot aan de draainagel. De reserve hengel mag nooit de andere deelnemers hinderen.
Art. 3. Alle beslissingen, door de aangestelde wedstrijdjury genomen, in verband met klachten en/of overtredingen, zijn op dat moment bindend en zullen doorgewezen worden naar de tuchtraad.
Art. 4a Elke deelnemer mag slechts één gemonteerde onderlijn gebruiken. Uiteraard is het verboden vooraf klaar gemaakte onderlijnen van aas te voorzien, zolang de gebruikte onderlijn niet van de hoofdlijn is verwijderd.
Art. 4b Het verwisselen van onderlijn is enkel toegestaan, na het onthaken van de vis, daarnakan de onderlijn gewisseld worden.
Art. 5.Onderlijnen mogen slechts van drie enkelvoudige haken voorzien zijn. Dubbele- en drievoudige(dreggen) haken zijn verboden.
Art. 6.Het is verboden: a) te lepelen b) een dobber te gebruiken.
Art. 7.Dreggen naar verdoofde, drijvende en dode vissen is verboden.
Art. 8. Het gebruik van kunstaas is toegelaten, waaronder b.v.inktvis(jes) in kunststof, plastic vis(jes), blinkers, enz.
Art.9.Het gebruik van krab als aas is verboden.
Art. 10. Deelnemers mogen bij de aanvang van de wedstrijd niet in het bezit zijn van vis, enkel vis die als aasvis wordt gebruikt waarvan de staart is afgesneden.
Art. 11. Enkel bovenmaatse vissen komen in aanmerking. Makreel is uitgesloten. Ondermaatse vis(sen) dient men onmiddellijk levend terug te zetten. De minimum vismaten en de beschermde soorten worden door de Europese Commissie van Visserij bepaald. Iedere club ontvangt jaarlijks een lijst waarop deze maten en bescherme-lingen vermeld staan. Makreel mag wel als aasvis worden gebruikt.
Art. 12.Het meten van vis, gebeurd van kop tot staart, muil gesloten, en gebeurd door de deelnemerzelf, iedere visser is verantwoordelijk voor zijn meting en vangst.
Art. 13. Indien, bij controle door de bootcommissaris, bijgestaan door minimum één getuige, vastgesteld wordt, dat er ondermaatse vis bij de vangst is, zullen de volgende maatregelen getroffen worden: a) de ondermaatse vis(sen) wordt(worden) uit de vangst verwijderd en door de hengelaar zelf overboord gezet. b) indien de wedstrijdleiding, door middel van steekproef dan nog flagrante ondermaatse vis(sen) in de vangst aantreft zal de hengelaar gedeclasseerd worden.
Art. 14. Het is verboden, tijdens of na de wedstrijd, ondermaatse vis(sen) bij te houden, deze moeten onmiddellijk worden terug gezet. Deelnemers, welke bij gebeurlijke controle door de bevoegde diensten betrapt worden op ondermaatse vis(sen), zullen daar zelf de gevolgen van dragen. Zij kunnen geen beroep aantekenen tegenover de inrichters. Overtredingen op dit artikel wordt met uitsluiting bestraft, en door verwezen worden naar de tuchtraad.
Art. 15. Het is verboden, tijdens of na de wedstrijd, vissen van gelijk welke afmeting aan elkaar door te geven, dit op straffe van uitsluiting van beide deelnemers. Aas en aasvis(sen), (waarvan de staart is afgesneden) mogen wel worden doorgegeven.
Art. 16. Elkeen dient na de wedstrijd, zijn vangst te laten controleren door de bootcommissaris, en de vis in de daartoe bestemde zak te steken, en te laten afloden. Ook het aantal gevangen vissen dient te worden vermeld.
Art. 17. Elke visser, is verplicht, zijn volledige vangst van bovenmaatse vis(sen) met zorg aan te bieden aan de weeg, doch de inhoud van de buikholte dient vooraf zorgvuldig verwijderd te worden op zee, na de wedstrijd. De kop van de vis dient eraan te blijven om de bootcommissaris toe te laten de vis te controleren. Bij eventuele recordvis, dienen de ingewanden van die vis, in een aparte zak mee ter weeg worden gegeven.
Art. 18. Bij het ophalen van een lijn, waaraan één of meerdere lijnen hangen, welke nog steeds bevestigd zijn aan de hoofdlijn(en) van andere deelnemers, dan komen de vis(sen) toe aan de eigenaar van de haak welke zich in de muil van de desbetreffende vis(sen) bevindt. Wordt een vis opgehaald met twee of meerdere haken in de muil, van onderlijnen welke nog steeds bevestigd zijn aan de hoofdlijnen van verschillende hengelaars, dan komen deze vis(sen) voor geen enkele deelnemer in aanmerking. Deze vis(sen) dienen teruggezet of hun staart dient afgesneden te worden. Een normaal gevangen vis (haak in de muil), waaraan één of meerdere afgebroken onderlijnen bevestigd zijn, komt in aanmerking voor de hengelaar welke de vis heeft opgehaald, in zoverre dat zijn haak zich in de muil van de vis bevind. Een hengelaar welke met zijn lijn één of meerdere onderlijnen, los van alle hoofdlijnen opgehaald, waar één of meerdere vis(sen) aanhangen, mag deze vis niet ter weging aanbieden. Ook deze dienen teruggezet of de staart(en) afgesneden. Gedregde vissen, zonder bijkomstigheden van één of meerdere andere onderlijnen komen in aanmerking. Bij het ophalen van dergelijke of nog andere combinaties, dient de bootcommissaris verwittigd ter nazicht. Zijn beslissing is bindend.
Art. 19.Het is verboden op gelijk welke manier, andere deelnemers te hinderen.
Art. 20.Elke deelnemer is geacht zonder hulp te kunnen vissen. Hulp mag geboden worden bij het ophalen van een zware vis, doch de hengel moet steeds in de handen blijven van de eigenaar dezer.
Art. 21. Het begin en eindsignaal wordt door de bootcommissaris gegeven. Bij het eindsignaal dient elke deelnemer onmiddellijk zijn lijn op te halen. De op dat ogenblik aangeslagen vis(sen) komen in aanmerking. Het begin en eindsignaal van een wedstrijd, gewestelijk, nationaal of internationaal, wordt door de bevoegde wedstrijdleider over de radio gegeven, en dit vanaf de boot welke de leiding voert. Elke deelnemende boot, is verplicht zich te melden aan de wedstrijdleiding, zodra hij voor anker ligt. De naam van de boot, die de wedstrijdleiding heeft zal voor de wedstrijd bekend gemaakt worden.
Art. 22. Bij verplaatsingen van de boot, zal ook artikel 21, eerste paragraaf toegepast worden. Tijdens het varen mag er op generlei wijze worden gevist.
Art. 23. Elke deelnemer is verplicht, plaats te nemen op de hem toegewezen boot en plaats, die evenwel door bepaalde omstandigheden (gehan-dicapt, in gips geplaatste benen, enz.) door de bootcommissaris kan gewijzigd worden.
Art. 24. Onder geen enkele omstandigheid, mag er gevist worden op, of aan, of in de nabijheid van een wrak en/of opstakel. De deelnemende boot of boten, moet(en) minstens een 1/2 (halve) N.M.(mijl) (ongeveer 900m) van het wrak en/of opstakel verwijderd blijven.
Art. 25.Elke overtreding in verband met artikel 24., zal onderzocht worden door de bevoegde wedstrijdleiding. Bij overtreding, wordt betreffende boot gediskwalificieerd.
Art. 26. Het plaatsen der deelnemers gebeurt bij loting. De bootcommissaris zal de loting der plaatsen aan boord van het schip verrichten, nadat de boot voor anker ligt. De hengelaar met het laagste nummer, neemt de plaats rechts voor in, vervolgens naar achter, en terug naar voor links. Als er door omstandigheden langs een zijde meer deelnemers geplaatst zijn dan aan de andere zijde, zal de bootcommissaris vissers plaatsen, van links naar rechts, of andersom, steeds in het midden van de zijde. Bij finale's in bekerwedstrijden zal de plaatsing volgens voorgestel plan gebeuren dat samengesteld werd door de sportcommissie.
Art. 27. Bij een ongelijk aantal deelnemers(b.v.5), dient men rechts (stuur-boord) 3 deelnemers te plaatsen en links(bakboord) 2 deelnemers. Indien de schipper buiten wedstrijd mee hengelt(doorgaans rechtse zijde) verandert dit naar 2 deelnemers rechts en 3 deelnemers links. Bij grotere boten, die gebeurlijk tot 2 boten worden opgedeeld, is en blijft het laagste nummer de kopplaats.
Art. 28.Het is de schippers, die welke mee de wedstrijd vervissen, verplicht mee te loten voor hun plaats aan boord. Bij niet naleving van deze, zal de schipper worden gediskwalificeerd.
Art. 29. De verplaatsing van bijkomende deelnemers, zal altijd geschieden, in gelijk welke omstandigheid, zodanig dat de eerst voorziene kop- en achterplaatsen behouden blijven.
Art. 30. Elke deelnemer is verplicht, de controle van zakken, korven en dergelijke toe te staan aan de bootcommissaris. De zakken van deze worden nagezien door twee deelnemers.
Art. 31. Wanneer sommige deelnemers naar een andere visplaats wensen te varen, zal de bootcommissaris, ieder aan boord raadplegen en handelen naar de wens van de meerderheid, en de mogelijkheid inzake boot en schipper. Nadat de boot een andere visplaats heeft opgezocht, zal er opnieuw, nadat de boot voor anker is gaan liggen, tot een plaatsloting overgegaan worden.
Art. 32. Elke deelnemer is verplicht, opgemerkte onregelmatigheden aan de bootcommissaris, of aan de wedstrijdleiding, te melden, en dit aanstonds of onmiddellijk na de wedstrijd, via de afgevaardigde van zijn club waarbij hij is aangesloten.
Art. 33. Het is de deelnemers verboden zich onwelvoeglijk te gedragen. Tevens is het verboden, handelingen uit te voeren, die de veiligheid van hemzelf en/of deze van de andere deelnemers in het gedrang kunnen brengen.
Art. 34. Elke deelnemer is verplicht, zich neer te leggen bij de beslissingen van de bootcommissaris of de wedstrijdleiding. De bootcommissaris is door het wedstrijdleiding aangesteld, en kan als dusdanig beslissingen treffen.
Art. 35. Bij elke wedstrijd zal de rangschikking opgemaakt worden door het wegen van de vangst. Per gram zal er één punt toegekend worden.
Art. 36. Het hoogst aantal punten primeert, ofwel volgens het gewicht of per bootklassement. Dit zal voor de wedstrijd bekend worden gemaakt.
Art. 37. Bij gelijkheid van punten voor de eerste drie plaatsen, zal het aantal vissen primeren, brengt dit nog geen afscheiding, dan zal de zwaarste vis in aanmerking komen. De vierde en volgende plaatsen zullen bij gelijkheid van punten ex-equo geplaatst worden.
Art. 38. De team rangschikking, zal opgemaakt worden door de optelling der punten, van de vier beste geklasseerde vissers per club of team. Bij ex-equo zal de club met de beste geklasseerde primeren.
Art. 39. Schippers, welke met hun eigen boot vissen, en deelnemen aan de wedstrijd, kunnen dit doen, op voorwaarde zich te houden aan de richtlijnen, hen door de inrichters en overkoepelende organen gegeven. Zij dienen volledig de reglementering te handhaven. Schippers, welke zich hebben geklasseerd voor de finale(alleen bij het Kampioenschap van België) zullen deze finale evenwel niet op hun eigen schip vervissen. Zij zullen op een andere boot worden geloot.
Art. 40. Het is verboden, door schippers en deelnemers, van zaken overboord te werpen die het milieu kunnen schaden. De gevolgen, bij gebeurlijke controle door de bevoegde diensten, zijn volledig ten laste van de vervuiler. Iedere wedstrijd, is er een vuilniszak per boot voorzien, waarin alle weg te werpen zaken dienen gestopt. Bij het einde der wedstrijd, dient deze vuilniszak aan de wal gebracht, en in de daarvoor voorziene container gedeponeerd. Elke deelnemer wordt geacht, na de wedstrijd zijn plaats aan boord behoorlijk te reinigen. Plastiek, nylondraad en blik kan men kwijt in de vuilniszak.
Art. 41. Door deel te nemen aan een wedstrijd, verbind elke deelnemer zich aan de reglementen te houden en deze na te leven.
Art. 42. De deelnemer die zijn visvangst na de wedstrijd niet afgeeft aan de bootcommissaris voor de weeg, zal een schorsing oplopen van één jaar uitsluiting aan Beker wedstrijden en het Kampioenschap van België.